5 tips voor het geven van flesvoeding aan je baby

Het geven van de fles lijkt op het eerste gezicht niet zo moeilijk. Toch komt er vrij veel bij kijken. Welke fles is geschikt en welke voeding moet je nemen? Wij geven je vijf tips voor het geven van flesvoeding aan je baby.

1. Begin met standaard voeding

Er zijn oneindig veel soorten en merken babyvoeding op de markt, waardoor het nieuwe ouders soms kan duizelen. Welke voeding is nu de juiste voor je kind? Moet je gaan voor biologisch, babyvoeding tegen darmkrampjes of iets anders? Het Voedingscentrum adviseert om in het begin standaard babyvoeding te geven. Je kunt later altijd nog op een ander type overstappen. Nu je de helft van de flesjes in de schappen kunt laten staan, komt de tweede grote keuze aan bod: ga je voor een huismerk of A-merk? A-merken hebben altijd hun manieren om je te laten denken dat zij het beste van het beste te bieden hebben. Flesvoeding moet echter aan zeer strenge eisen voldoen, waardoor alle merken de voedingsstoffen bevatten die je kindje nodig hebt. Je kunt dus prima voor een huismerk gaan zonder dat je je schuldig hoeft te voelen. Mocht je kindje last krijgen van extreme darmkrampjes, bijvoorbeeld omdat hij een koemelkallergie heeft, dan kan het nodig zijn om over te stappen op andere flesvoeding.

2. Het kiezen van de juiste speen

Net zoals met de babyvoeding, heb je een ruime keuze op het gebied van spenen. Zo kun je kiezen uit een speen met grote, middelgrote of kleine gaatjes. Het beste is om te starten met een speen met kleine gaatjes om te voorkomen dat je kindje in een keer teveel melk binnenkrijgt en zich verslikt. Een baby die gulzig drinkt heeft het meeste baat bij dit soort speentjes. Heb je een langzaam drinkende baby, dan kun je de keuze maken om over te stappen op een speen met grotere gaatjes. Daarnaast zul je erachter moeten komen of je kindje het liefst drinkt aan een platte of ronde speen. De meeste pasgeboren baby’s zullen zich het fijnst voelen aan een ronde speen, omdat deze een vergelijkbare vorm heeft met een tepel. Na een tijdje kun je de keuze maken om over te stappen op de platte speen, omdat deze spenen voor het gebit wat beter zijn.

3. Het gebruik van kraanwater

In Nederland kunnen we het water uit de kraan gewoon drinken. Het is daarom ook prima geschikt voor het aanmaken van een flesje. Gebruik hiervoor echter geen warm kraanwater, want daar kan een klein gehalte opgelost metaal in zitten. Gebruik dus koud water en warm het vervolgens op.

4. Hoe vaak en hoeveel?

Er zijn richtlijnen om je te helpen bepalen hoe vaak en hoeveel je je baby moet voeden. Zo is de dagelijkse richtlijn voor de hoeveelheid melk: 150 ml per kg lichaamsgewicht. Uiteindelijk zal je kindje echter in een grote mate zelf bepalen hoeveel en hoe vaak hij drinkt. Dit is vooral in het begin de beste optie. Voed je kind op verzoek en laat ook aan hem over hoeveel hij wil drinken. Zodra je baby zijn hoofdje begint weg te draaien is het tijd om het flesje weg te zetten. Andere baby’s laten de melk uit het mondje lopen of worden onrustig om aan te geven dat ze genoeg hebben gehad. Meer informatie lees in je onze flesvloedingschema!

5. Wanneer je kindje niet wil drinken

Het kan zijn dat je kindje niet wil drinken. In dit geval kun je als eerste proberen je kind te voeden met andere speen of fles. In sommige gevallen weigeren baby’s de fles, wanneer je overstapt van borstvoeding op flesvoeding. Het kan in zo'n situatie helpen een Breastbottle nurser te gebruiken. Dit zijn speciale spenen die ontworpen zij om een tepel te simuleren. In sommige gevallen ligt het niet aan de fles of de speen, maar aan de houding. Probeer je kindje eens anders neer te zetten. Laat bijvoorbeeld zijn ruggetje tegen jouw buik aanleunen. Als deze tips niet werken, kan het zinvol zijn op andere voeding over te stappen. Ga hiervoor wel eerst in gesprek met het consultatiebureau.