Nee, hoe leren baby's dat te begrijpen?

Het begrijpen van woorden kan een gemiddelde baby rond de leeftijd van tien maanden. Ook het woord ‘nee’ kan hij leren begrijpen vanaf dit moment en dat is fijn, want je kind gaat in deze fase de wereld ontdekken en zijn grenzen verkennen. Als het woord ‘nee’ in een situatie wordt herhaald, dan begrijpt de baby wat niet mag.

Hoe geef je aan een baby van tien maanden aan dat iets niet mag?

Baby’s kunnen ongeveer vanaf tien maanden woorden begrijpen. Het is dus vanaf dit moment mogelijk om je baby te begrenzen. Dat doe je door telkens het woord ‘nee’ te herhalen als iets niet mag.

Grenzen zijn nodig zodra je baby de wereld gaat ontdekken

Het begint met het leren omrollen, dan begint je baby te grijpen met zijn handjes, leert je baby tijgeren en voor je het weet zie je je baby door de kamer kruipen en lopen. Dan gaat de ontdekkingstocht verder met het complete huis en de buitenwereld. Je baby is, meestal vanaf het moment dat je baby rond de tien maanden is, niet meer te houden. Alles wat in zijn omgeving binnen handbereik ligt, wordt gegrepen. Alles waar op kan worden geklommen, wordt op geklommen en alle deuren, kasten, lades en andere dingen die open kunnen, worden open getrokken. Wat er in de kasten en lades zit moet er allemaal uit om het nauwkeurig te kunnen bestuderen. Je kunt je wel voorstellen dat grenzen op dit moment nodig worden. Veel mag en kan gewoon, maar veel mag en kan gewoon ook niet. Wat er van jou en je eventuele partner wel en niet mag, dat bepaal je zelf, maar feit is dat er dingen zijn waarop je gewoon niet anders dan ‘nee’ kunt zeggen. Wat denk jij bijvoorbeeld van de volgende situaties?

  • spelen met een afstandsbediening
  • op een hoge tafel klimmen
  • bloempotten van de vensterbank pakken
  • de straat op kruipen of lopen
  • op een stoel klimmen en vervolgens het bestek uit de bestekbak gooien
  • de trap op tijgeren
  • de boeken uit de boekenkast trekken en over de grond gooien
  • een keukenkastje opentrekken en daar pannen uithalen

Nogmaals het is aan jou en je partner om te bepalen wat wel en niet mag. Besef dat een kind nog niet weet wat precies speelgoed is en wat er niet bedoeld is om mee te spelen. Je kind ziet de complete wereld als een grote, avontuurlijke speeltuin. Het is aan jou om vanaf het moment van de ontdekkingstocht van je baby op de juiste momenten te begrenzen.

Nadenken over wat je baby wel en niet mag

Het is heel dubbel: enerzijds is het goed voor baby dat hij de wereld gaat ontdekken, anderzijds zit deze zelfde wereld vol met gevaren. Daarom is het voor veel ouders lastig om te bedenken waar zij de grenzen voor hun baby willen stellen: wat mag nog wel en wat niet meer? Als je het lastig vindt om te bedenken waar jij of jullie de grenzen willen stellen voor jullie ontdekkende baby, dan heb je misschien iets aan de volgende tips:

  • Begrens het klimmen op hoge dingen, zoals tafels, kasten en bomen. Je kind kan er immers vanaf vallen en zich lelijk bezeren. Laat je kind wel de trap op tijgeren, als jij erachter loopt, zo leert hij toch klimmen, maar dan zonder gevaar.
  • Begrens het als je kind zonder te kijken de straat opkruipt of rent. Laat je kind wel met je mee kijken als jullie samen een straat oversteken, zodat je kind leert hoe het wel moet
  • Laat je kind niet met gevaarlijke voorwerpen spelen, zoals messen, vazen en glazen
  • Laat je kind niet met elektriciteit spelen, zoals stopcontacten, een föhn of een mixer.
  • Laat je kind niet met te klein materiaal spelen, zoals batterijen, kraaltjes, en steentjes. Voor je het weet steekt je baby het in de mond en stikt erin.
  • Laat het niet toe dat je kind in de buurt komt van kokend water.
  • Begrens het als je kind schoonmaakmiddelen of andere giftige producten wil pakken.
  • Laat je kind niet met lange touwen, koorden of elastiek spelen. Dit kan hij strak om zijn nek of pols binden of hij kan erin verstrikt raken.

Eigenlijk komt het erop neer dat je je kind vooral moet beschermen tegen alles wat voor hem gevaarlijk is, omdat hij kan vallen, iets op hem kan vallen, er druk verkeer is, hij het in zijn mond kan stoppen, hij zich eraan kan branden, snijden of zich ermee kan vergiftigen. Besef heel goed dat je kind nog totaal geen weet heeft van hoe alles werkt en wat er allemaal kan gebeuren. Voor gevaar moet jij je kleintje beschermen en daarom houd jij je ontdekkende baby voortdurend in de gaten en zeg jij ‘nee’ waar nodig, maar geef je anderzijds je kind ook de vrijheid om de wereld te ontdekken, daar waar het zonder gevaar kan. Laat je kind dus lekker door boeken bladeren, zolang hij de bladeren er niet uitscheurt. Laat je kind met pannen spelen of de wc-papier van de houder rukken, als jij dat geen probleem vindt. Zo blijft er nog wat over voor je kleintje om te ontdekken en blijft zijn wereld leuk en uitdagend.

Gevaar bij je kind uit de buurt houden; wel of niet doen?

Sommige gevaarlijke dingen houd je eenvoudig uit de buurt van je kind. Zo plaats je een traphekje voor een trapgat, kinderbeveiliging voor stopcontacten, vergrendel je de schoonmaakkast en de bestekbak en zet je een hete kop thee zo hoog mogelijk en ver mogelijk op een tafel. Toch zijn er ook situaties waar mensen verschillend over denken, zoals bloempotten, vazen en afstandsbedieningen met daarin kleine batterijtjes. De een zal zeggen alles uit de buurt houden, de ander vindt dat de baby moet leren dat hij aan sommige dingen gewoon niet mag komen.

Hoe zeg je ‘nee’ tegen je baby?

Als je baby op dit moment in de ontdekkende fase zit of als je al eerder kinderen in deze fase hebt gehad, dan weet je hoe lastig het is om een baby te begrenzen. Het is goed om te weten dat het wel mogelijk is; een baby is ongeveer rond de tien maanden in staat om woorden te begrijpen en daarmee ook het woordje ‘nee’. Dan blijft toch de vraag open: nee, hoe leren baby’s dat te begrijpen? Dat gaat als volgt:

  • Weet precies waar je grenzen liggen
  • Weet ook wat je kind wel mag en zorg dat dit voldoende is, zodat er nog heel veel overblijft om te ontdekken en te verkennen. Niet allen begrenzen is belangrijk in deze fase, ook vrijheid is van belang, zodat je kind heel veel kan leren
  • Stel grenzen heel duidelijk en consequent aan je kind: als je kind niet met een afstandsbediening mag spelen, dan blijf je ‘nee’ zeggen als je kind de afstandsbediening opnieuw pakt en dan mag je kind een volgende keer ook niet met de afstandsbediening spelen.
  • Wat niet van papa mag, mag ook niet van mama. Probeer zoveel mogelijk dezelfde dingen te begrenzen, dat is duidelijk en consequent naar je kind.
  • Lach niet om de dingen die je kind niet mag en toch doet. Ook niet als het er heel grappig uitziet, zoals je kind dat op een tafel klimt of je kind dat de afstandsbediening van alle kanten bekijkt en in zijn mond stopt. Dat werkt averechts, want je geeft je kind in plaats van een grens een beloning: er wordt om mij gelachen, dan zal het wel leuk zijn en moet ik het vaker gaan proberen. Je kind zal het niet alleen nogmaals proberen, als jij nog aan het lachen bent, valt je kind misschien wel van de tafel of heeft je kind het batterijtje van de afstandsbediening te pakken en verdwijnt het in zijn mondje.
  • Geef liever geen straf, dat begrijpt je kind nog niet. Blijf gewoon rustig het woord ‘nee’ herhalen, zodat je kind goed begrijpt wat wel en niet mag, wat goed is en wat fout is.
  • Blijf geduldig. Je zult zien dat dit geduld echt nodig is, aangezien baby’s niet zomaar ergens aan toe geeft. Ze zijn bezig met het verkennen van hun grenzen en gaan je daarom uitdagen om te kijken hoe ver ze kunnen gaan.
  • Let niet alleen op wat je kind fout doet of anders moet doen, maar ook op wat je kind goed doet. Beloon je kind hiervoor. Geef je kind een compliment als je kind je telefoon pakt, als deze afgaat, om hem naar je toe te brengen. Geef je kind een aai over zijn bol als hij zijn grote zus een knuffel geeft of aan komt lopen met een glas uit de keuken als jij gezegd hebt dat je dorst hebt. Ook al wil je niet dat je kind met je telefoon speelt of glazen pakt. In deze gevallen is de intentie goed, dus kan het geen kwaad om het toch toe te laten. Je zult zien dat hoe vaker je positief gedrag beloond, hoe meer je kind het zal laten zien.