Een fantasievriendje voor je peuter

Een taaltje dat niemand verstaat, veelzeggende handgebaartjes en schaterlachjes; daar kun je maar één ding uit opmaken, jouw peuter heeft een fantasievriendje. Sommige kindjes geven hun denkbeeldige vriendje een echte naam, zoals Keesje, Barry of Jan maar het wordt pas hilarisch wanneer ze ook zelfverzonnen namen gebruiken. Maar is zo'n fantasievriendje voor je peuter wel gezond, vraag je je soms af.

Is het niet schadelijk voor de ontwikkeling van je kind wanneer het fantasie en werkelijkheid door elkaar haalt? Of, voelt mijn peuter zich eenzaam zodat hij een fictief vriendje te voorschijn tovert om minder alleen te zijn? Of nog, wat doe ik fout dat mijn zoontje of dochtertje een denkbaar vriendje creëert, ben ik niet goed genoeg als mama of papa? Wanneer je antwoorden wil op al deze vragen, lees dan vooral verder.

Waarom heeft jouw peuter een fantasievriendje

Als blijkt dat er plots nog iemand in huis is die onzichtbaar is, is het voor veel ouders soms even slikken. Nochtans, er is helemaal geen enkele reden om ongerust te zijn als blijkt dat jouw peuter een denkbeeldig kameraadje heeft. Vroeger dacht men dat kinderen met een verzonnen vriendje eenzaam waren, niet sociaal en problemen met contact leggen hebben. Maar niets is minder waar want uit onderzoek is gebleken dat deze kinderen net heel gelukkig en sociaal zijn maar gewoon een heel levendige fantasie hebben. Ook kwam uit het onderzoek naar voor dat het geen probleem geeft met het maken van echte vriendjes.

Vaak is het ook zo dat het zelfvertrouwen van een kind daar baat bij heeft omdat het fantasievriendje altijd doet wat jouw kleintje wil. En net omdat ze goed het onderscheid kunnen maken tussen fantasie en werkelijkheid gaat dit geen problemen geven in zijn ontwikkeling.

En wat met hun onderlinge taaltje?

Hoe onverstaanbaar het taaltje ook is als ze hele redevoeringen doen met elkaar, jouw peuter en zijn onzichtbare gabber, het komt de taalvaardigheid alleen maar ten goede. Het is namelijk gebleken dat kleine kinderen, die vaak hun 'brabbeltaaltje' spreken, een voorsprong hebben bij het begrijpend lezen en het vertellen van verhalen wanneer ze ouder zijn. Waarschijnlijk ligt dit aan het feit dat ze gewend zijn om zelf verhalen te verzinnen. Op die manier wordt hun vaardigheid getraind om niet alleen het verhaal te vertellen maar er ook een eind aan te breien, iets wat bij andere peuters vaak ontbreekt.

Weet mijn peuter wel dat het vriendje niet echt bestaat?

Dat weet jouw peuter zelfs heel goed, dat de rare snuiter in zijn fantasie niet echt is. Ze kunnen heel goed het fictieve van de realiteit onderscheiden en vinden het zelfs raar dat ouders zich daar zorgen om maken. Hun vriendje is toch niet echt? Het is toch maar een spelletje? En jij als mama of papa zou dan gaan verbieden dat ze zo een vriendje mogen hebben? Een kind begrijpt daar niets van want, ook al zijn ze voortdurend in gesprek met elkaar en beleven ze de dolste pret, voor hen is en blijft het fantaseren.

Je doet er dan ook goed aan om mee te spelen, dat zal jouw peuter echt fijn vinden. Let wel op dat je zijn of haar verhaaltje volgt en niet zelf de regie in handen gaat nemen. Voor jouw kleintje ben jij iemand uit de realiteit en voor hem hangt dat niet samen met zijn fantasie.

Hoe ziet een denkbeeldig vriendje er meestal uit?

Een mens, een stuk fruit, een stoere krijger of een hondje... het fantasievriendje van je peuter kan werkelijk alle vormen aannemen. Die vriendjes krijgen meestal de status van uitblinker waar ze op één of andere manier naar opkijken. Het komt maar zelden voor dat Bobje, Gwennie of Friekanstie de hulpbehoevende underdog zijn. Bekenden uit het echte leven zullen nooit een rol spelen in hun fantasiewereld dus opa Jos of tante Beppie komen niet in aanmerking.

Hoe reageer je op een fantasievriendje van je peuter

Vooreerst moet je beseffen dat het verzonnen vriendje slechts een fase is in hun ontwikkeling. De vriendjes blijven niet voor lang en afscheid nemen wanneer het stopt hoort er niet bij dus de kans dat jouw kleintje verdrietig achterblijft is onbestaande. Moet je als ouder ingrijpen omdat je hun fantasie niet begrijpt? Zeer zeker niet. Enkel en alleen als ingebeelde vriendjes een probleem veroorzaken roep je hen beide best wel een keertje tot de orde.

Ook als het fictieve vriendje de schuld krijgt van alles wat de peuter verkeerd doet of stuk maakt trek je best even aan de oortjes van jouw kleintje in plaats van die van Sjaakie.

Wanneer je bijvoorbeeld nergens nog mag gaan zitten omdat de bank ingenomen werd door het onafscheidelijke stel of het vriendje een aanstokertje blijkt te zijn kun je beter ingrijpen. Indien jouw ukkepuk bijvoorbeeld zijn schoenen zelf niet meer wil strikken omdat Sjaakie dat ook nooit doet. Of Sjaakie vindt dat tanden poetsen maar stom is en het avondritueel is daardoor steeds een gevecht, dan wordt het tijd om op een zachte manier de twee de regels van het huis nog eens duidelijk te maken.

Het kan ook helpen om mee te spelen en op die manier Sjaakie duidelijk te maken dat zijn echte vriendje dingen moet doen om later groot, sterk en zelfstandig te worden.

Copycat-peuters

Soms lijkt het wel of jouw peuter geen oortjes heeft want luisteren is niet altijd één van de kwaliteiten van een kleintje. En toch... wanneer je hun spel even volgt merk je dat het jouw opmerkingen of aanwijzingen heel goed begrepen heeft. Als Sjaakie morst met eten of zijn glas omstoot vliegt Sjaakie op de gang. Wil Sjaakie mee naar binnen moet Sjaakie eerst zijn voeten vegen. Peuters projecteren en apen na, dat is niks nieuws maar hoe ze met hun denkbeeldige vriendje omgaan weerspiegelt vaak hoe jij met jouw peuter handelt.

Samen bang, samen sterk

Angstige kinderen zullen meestal stoere fantasievriendjes hebben en dat heeft alleen maar voordelen. Ze hebben het gevoel van bescherming, ook als jij niet in de buurt bent. Ze voelen zich altijd en overal gesteund want het vriendje kan echt overal worden meegenomen. Er is ook niemand die het vriendje kan afpakken want het is alleen zichtbaar voor jouw kleine lieverd.

Indien je een angstige peuter hebt die bang is voor dingen die helemaal niet beangstigend zijn kan een verzonnen vriendje hem over die angsten helpen. Meestal verdwijnt het vriendje weer als ze over die angstige periode heen zijn want dan hebben ze het niet meer nodig.

Scheiden doet lijden

Maar niet bij het afscheid van denkbeeldige vriendjes en dàt is een pluspunt. Op een bepaald moment verdwijnt het vriendje gewoon en zal jouw peuter daar niet verdrietig om worden. De reden hiervan is dat hij het zelf in leven geroepen had en het nu zelf teruggegeven heeft aan de virtuele wereld. De reden hiervoor kan zijn dat hij de gaven en kwaliteiten van zijn onzichtbare idool niet meer nodig heeft of dat hij nu zelfstandig genoeg is om zich te beredderen. Sjaakie vertrekt met stille trom en niemand maalt er om.