Woordenschat: kent jouw peuter deze woorden al?

We hechten als moeders vaak veel waarde aan de woordenschat van onze kinderen. Soms komt er een angstig gevoel dat onze kinderen achter zullen lopen en taalproblemen zullen krijgen. Want je wilt als moeder de beste opvoeding geven aan je kind! Maar ken jij een gezond persoon die nooit heeft leren praten? Ik niet! Dus maak je vooral niet druk. Maar, er zijn wel handige tools waardoor je je peuter kunt helpen in zijn woordenschat, en zo meer zelfvertrouwen zal krijgen. Dus, op naar de woordenschat.

Wat is woordenschat?

Woordenschat is het aantal woorden dat je kind op dat moment kent. Dit kunnen we opdelen in receptieve woordenschat, en productieve woordenschat. De receptieve woordenschat zijn de woordjes die je kindje al wel begrijpt, maar nog niet zelf uit kan spreken. Als je bijvoorbeeld tegen hem zegt: “bal”, dan zal hij de bal pakken. Dus hij kent het woord. Maar je hebt het hem zelf nog niet horen zeggen. De productieve woordenschat zijn de woordjes die hij ook daadwerkelijk uit kan spreken, zoals: “papa”, op het moment dat vaderlief thuis komt. Hij begrijpt het woord èn kan het ook uitspreken.

De pluspunten van woordenschat

Het wordt soms onderschat, maar een goede woordenschat helpt erg in de ontwikkeling van je kind. Niet alleen in taalvaardigheden, maar ook in zijn sociale vaardigheden en gedragsvormen. Een kind wat makkelijk kan antwoorden als iemand hem iets vraagt zal sneller zelfvertrouwen opbouwen en zeker zijn van zichzelf. Daarentegen, een kind wat niet kan antwoorden, kan onzeker en verlegen raken. Dit kan een negatief effect hebben op zijn ontwikkeling. Dus het is aangeraden om je kind op een leuke manier te ondersteunen in het leren van meer woordjes.

Mijlpalen woordenschat

Er zijn veel factoren die meespelen hoe snel je kind zal praten, en welke woorden hij zal gebruiken. Maar over het algemeen beginnen de meeste kinderen op dezelfde leeftijd met dezelfde mijlpalen. Als je kind hier een maandje of twee maanden in vóór of achter loopt is dat totaal geen probleem! Misschien heeft je kind een rustig karakter en heeft hij helemaal geen zin om veel te praten. Misschien is je peuter stiekem een perfectionist, en vindt hij zijn eigen woorden een beetje vreemd in de oren klinken. Het kan ook zijn dat hij wat “achterloopt”, maar daarna ineens een spurt maakt en jou verrast met verschillende woordjes. Of het kan zijn dat je baby juist snel begint met praten, maar het daarna wat afzwakt. Dus, no worries! Laat je kind dus op z’n eigen tempo de zee aan woorden ontdekken. Aan jou is het om hem daar op een gezellige manier bij te helpen. Hoe je dat doet, daar komen we later op terug.

0 - 12 maanden

Het eerste levensjaar van je baby zal je nog niet echt veel woorden horen uit zijn mond. Wel veel gebrabbel! Dit begint als hij ongeveer zes maanden oud is. Hij leert verschillende geluiden herkennen, en brabbelt er de hele dag op los. Je zult misschien denken dat het maar onzinnig is, al dat gebrabbel. Want je begrijpt er natuurlijk niks van. Maar dat is een heus leerprogramma wat hij daar doormaakt. Door het gebrabbel leert je kind namelijk verschillende klanken uit te spreken. Je zult van alles langs horen komen. Dit is de periode dat je baby de klanken van de taal leert die jij spreekt. Talen hebben namelijk verschillende klanken. Als je je kind meertalig op wilt voeden, is het dus goed om daar nu al mee te beginnen. Het kan zijn dat je in het einde van zijn eerste levensjaar al het eerste woordje zal horen, zoals “mama”. Dus hou je telefoon maar bij de hand. ;-)

1 - 2 jaar

Je kind leert steeds meer geluiden maken en te combineren, waardoor hij woordjes begint te vormen. Hij zal vooral woordjes zeggen van dingen die hij vaak tegenkomt, zoals; mama, papa, auto, bal, poes. En zo komt daar telkens een woordje bij. Als je kind anderhalf jaar is zal hij gemiddeld 50 woorden kennen. In het einde van zijn tweede levensjaar zal dit oplopen tot gemiddeld 200 woorden. Hij begint nu ook combinaties van woorden te maken, zoals: bal pakken, of koekje eten. Het zijn geen volledige zinnen, maar hij kan zich goed verstaanbaar maken. Dit is handig voor jou, want zo weet je wat hij op dat moment graag wilt. In deze fase praten peuters soms nog onduidelijk, waardoor vaak alleen de moeder weet wat het kind nou bedoelt. Hierdoor zul je dan ook vaker voor tolk moeten spelen.

2 - 3 jaar

Je kind zal telkens een beetje bijleren, en jou verrassen met nieuw woordjes. De zinnen worden wat langer en bestaan nu vaak uit drie woorden, zoals “mama auto rijden”, of “poes bal spelen”. Ook de uitspraak wordt beter. Klanken als de ‘r’ en de ‘s’ worden steeds duidelijker, waardoor ook anderen je peuter beter zullen begrijpen.

3 - 4 jaar

Je kind zal nu nog langere zinnen maken en meer woorden leren, waardoor het steeds makkelijker wordt voor jou om met hem te babbelen. De zinnen bestaan op deze leeftijd meestal uit vier woorden. Ook voor anderen zal het makkelijker worden om met hem te communiceren. Als je kind op deze leeftijd naar een kinderdagverblijf gaat zal hij zich makkelijk kunnen uiten om aan te geven wat hij nodig heeft.

5 - 10 jaar

Je kind zal een woorden spurt maken vanaf zijn vijfde jaar. Je zult dan ook opmerkingen van je kleine horen waar je nog versteld van zal staan. Je kind zal nu gemiddeld 3000 woorden kennen. Klanken die voorheen moeilijk waren, worden nu steeds makkelijker. Maar de verwisselende melktandjes komen wel wat roet in het eten gooien, want die zorgen er vaak voor dat je kind zal slissen, en klanken als de ‘sch’ en ‘sf’ niet helemaal goed uit zal spreken. Maar als eenmaal de grote tanden eraan komen, zal dit probleem zich vanzelf oplossen.

Woordenschat stimuleren

Zoals gezegd, brengt het veel voordelen met zich mee als je de woordenschat van je kind op een gezellige manier stimuleert. Weet je niet zo goed hoe dat het beste aan te pakken? Dan hebben we hier een lijstje aan ideetjes voor je, waar je de komende tijd wel zoet mee zult zijn:

Lekker babbelen met je kind

Een van de positieve manieren om je kind meer woorden bij te brengen is door gezellig met hem te babbelen over alledaagse onderwerpen. Kies bepaalde momenten in de dag dat je even met hem gaat zitten om te kletsen. Probeer de zinnen te vormen naargelang zijn leeftijd. Maak op tweejarige leeftijd de zinnen kort voor hem, zoals “bedje slapen”, of “bal spelen”. Dit is op deze leeftijd nuttiger voor het kind. Dit omdat het voor hem makkelijker is om te begrijpen. Naarmate hij ouder wordt kun je de zinnen langer maken en uitbreiden.

Samen spelen

Een andere manier om je kind extra woorden mee te geven is door middel van spel. Tijdens het spelen kun je de namen van de objecten noemen en ook kleuren en bijvoeglijke naamwoorden toevoegen, zoals: rood, blauw, lang, hoog, klein, etc. Je kind zal zo heel veel woorden bijleren.

Uitjes

Ook uitjes naar verschillende plekken zal ervoor zorgen dat hij meer woordjes leert. Ga samen bijvoorbeeld naar de dierentuin of naar het bos, en leer hem de namen van dingen. Om het extra leuk te maken kun je plaatjes meenemen van de objecten die hij daar zal zien, zoals: bos, boom, gras, olifant, tijger, etc. Dit kun je dan, eenmaal thuis, af en toe met hem doornemen zodat hij het niet vergeet. Ook de supermarkt is een goede plek om nieuwe woordjes te leren! Je kunt je kind de woordjes leren van spullen die je in het karretje legt. Als je bij de kassa bent kun je ze ook weer benoemen, en ook weer bij thuiskomt. Begin met een paar artikelen, en zo kun je het telkens een beetje uitbreiden.

Voorlezen

Je kindje verhaaltjes voorlezen heeft een gunstig effect op zijn woordenschat. Hij zal verschillende woordjes langs horen komen, en doordat hij ze vaker hoort er ook sneller aan wennen. Het is aangeraden om één specifiek boekje langere tijd elke dag voor te lezen, zodat hij de woorden die in dat boekje te vinden zijn dagelijks hoort. Na een paar weken kun je dan weer kiezen voor een ander boekje, of als je kind het eerste boekje zat is. Dat kan ook! Leuke en leerzame inderboekjes zijn te vinden bij de Kinderboekerij!

Omgaan met andere kinderen

Kinderen nemen erg snel dingen van elkaar over, zo ook woorden. Kinderen die spelen met andere kinderen kunnen binnen mum van tijd basiswoorden in een andere taal leren. Dus zorg wat vaker voor play-dates met andere kindjes. Het is goed voor zijn taalvaardigheden, èn voor zijn sociale vaardigheden want zo leert hij tegelijkertijd samen spelen. Twee vliegen in één klap.

Kiekeboe

Een tijdloos spelletje waar geen enkel kind genoeg van krijgt. Wil je het leerzamer maken voor je kind? Verstop dan objecten achter bijvoorbeeld een kussen en vraag hem wat hij denkt dat erachter zit. Daarna komt de “kiekeboe” en kun je hem vertellen hoe het object heet. Bijvoorbeeld “een groene auto”.

Woordenspel

Zit je samen in de auto, en is het maar stilletjes? Speel samen een woordspel, zoals: “ik zie, ik zie wat jij niet ziet”. Of laat hem dieren opnoemen die beginnen met een bepaalde letter.

Kijk samen informatieve kinderprogramma’s

Kinderen zullen veel receptieve woordenschat leren door middel van kinderprogramma’s. Ook tekenfilms als Musti zijn leuk voor je kind om nieuwe woorden te leren. Online kan je kind veel bijleren bij Squla. Ze hebben voor elke leeftijd wat wils.