Verschil tussen IVF en ICSI

Als zwanger worden niet lukt, kom je na een poosje vaak in de medische molen terecht. Soms zijn er duidelijke oorzaken waarom je niet zwanger kunt worden, maar het kan ook zo zijn dat er niet echt direct een aanwijsbare reden is. Onderzoeken kunnen misschien wel eventuele oorzaken aan het licht brengen, waarna er een behandelmethode kan worden gestart. Ook bij onbegrepen onvruchtbaarheid zijn er een aantal mogelijkheden. Waarschijnlijk zit je in de beginfase met tal van vragen, zoals wat is het verschil tussen IVF en ICSI?

IVF of ICSI?

Mensen bij wie zwanger worden op de normale manier niet lukt, kunnen soms proberen om via een omweg zwanger te worden. Eigenlijk heel simpel gezegd: ‘met een beetje hulp van buitenaf’. IVF en ICSI zijn twee methodes waarbij je inderdaad wat hulp van buitenaf krijgt. Het voortraject van beide methodes komen aardig overeen, alleen in het eindstadium zijn ze anders. Om een beter beeld te krijgen van het verschil tussen IVF en ICSI, zullen we beide methodes beschrijven.

IVF, het voortraject

IVF staat voor In Vitro Fertilisatie. Het is een vruchtbaarheidsbehandeling waarbij de eventuele bevruchting buiten je lichaam tot stand komt. Fertilisatie betekent bevruchting en ‘in vitro’ staat voor ‘in glas’. Bij een normale cyclus van een vrouw komt er meestal één eitje tot rijping, bij een IVF-behandeling gaat men meerdere eicellen stimuleren om te rijpen, waardoor er meer kans op succes ontstaat. Voorafgaand aan de daadwerkelijke IVF-behandeling begin je met een LHRH-hormoon, een hormoon wat de eigen hormoonactiviteit tijdelijk onderdrukt om ze zorgen dat er geen storingen op kunnen treden als de eitjes gaan rijpen. Meestal wordt dit via een neusspray of een injectie toegediend, in de maand vooraf gaat aan de IVF behandeling. Het duurt even eer dat de eigen hormoonproductie onderdrukt is, dus vaak wordt dit LHRH-hormoon wel twee tot drie weken gebruikt. Ook het FSH-hormoon wordt dagelijks per injectie toegediend, dit om juist de eierstokken te stimuleren. Deze injecties kun je na wat uitleg eenvoudig zelf geven of je partner doet het voor je. Voordat men begint met het FSH-hormoon zal men altijd controleren of er geen cystevorming in de eierstokken is. Indien dit wel het geval is, moet het vocht van de cyste worden weggezogen of de behandeling moet worden gestopt.

ivf-infographic

ICSI, het voortraject

Tot nu toe verloopt het voortraject van ICSI eigenlijk precies hetzelfde als bij de IVF. Mits men ervoor heeft gekozen om de eicellen te stimuleren. Tegenwoordig is er nog een andere methode, namelijk de IVM. Bij IVM wordt er gekozen om onrijpe eicellen uit de eierstokken te halen met een punctie. In een laboratorium worden deze eicellen gerijpt. De vrouw hoeft in een dergelijke situatie geen hormoonbehandeling te ondergaan, waardoor deze methode minder belastend is voor de vrouw. Ook de kans op overstimulatie wordt zo een stuk kleiner. Overstimulatie kan ontstaan als de hormoon therapie zijn werk eigenlijk te goed doet. Er komen dan veel te veel rijpe eicellen wat de nodige risico’s met zich meebrengt. Natuurlijk wordt het rijpingsproces van de eicellen onder invloed van hormonen altijd goed in de gaten gehouden, zowel per echo als door middel van hormoonwaarden in bloed of urine.

icsi-infographic

Een goede timing is belangrijk

Op het moment dat bij meting de follikels groot genoeg blijken te zijn, wordt er een ander hormoon geïnjecteerd, namelijk het hCG hormoon. Deze injectie wordt meestal bij de arts gezet en de tijd van toedienen luistert erg nauw. Dit hormoon stimuleert namelijk de eirijping en is ter bevordering van het loskomen van de de eicellen uit de follikels. Na de injectie moet binnen 36 uur de punctie worden verricht anders zijn de eicellen al op weg naar de eileider om hun eigen weg te volgen. Ze zijn dan niet meer te gebruiken voor de IVF of ICSI behandeling.

De punctie

Tijdens een punctie worden de eicellen opgezogen die in de rijpe follikels zitten in de eierstokken. Hiervoor worden de eierstokken aangeprikt. Dit gebeurt met hetzelfde echoapparaat als waar de eerdere controles mee zijn gedaan, alleen zit er nu een holle naald aan bevestigd. Deze ervaring is voor iedereen verschillend, de een vindt het pijnlijker dan de ander. Maar er kan ook pijnstilling gegeven worden, dit kan met het betreffende ziekenhuis besproken worden. Ook na de punctie kun je nog een paar dagen een lichte zeurende pijn houden. Rondom het tijdstip van de punctie heeft de mannelijke partner het verzoek gehad om zaad te produceren. Zodra dit is gebeurd wordt het zaad in het laboratorium beoordeeld op kwaliteit. Ook de eicellen worden geteld. Voor een IVF behandeling zijn er soms wel honderdduizenden zaadcellen nodig die ook nog eens goed beweeglijk zijn. Voor een ICSI-behandeling kunnen dat er minder zijn.

De bevruchting bij IVF

Na de punctie en het afgeven van het zaad, krijg je te horen of er bij de donatie van je partner geschikt zaad gevonden is en hoeveel bruikbare eicellen er na de punctie zijn. Daarna kun je naar huis. In de tussentijd worden in het laboratorium de eicellen en het zaad in een petri-schaaltje bij elkaar gebracht en voorzien van je naam in de broedstoof gezet. Er is een streng protocol want er mag natuurlijk geen verwisseling met zaadcellen of eicellen plaatsvinden. Als er bevruchting plaatsvindt wordt de celdeling nauwkeurig in de gaten gehouden. Per eicel worden er ongeveer 100.000 zaadcellen in het petri-schaaltje geplaatst.

De bevruchting bij ICSI

Ook bij ICSI mag je naar huis als je weet hoeveel eicellen er zijn en als er goed zaad is. ICSI staat voor Cytoplasmatische Sperma Injectie en dat is precies wat ze gaan doen in het laboratorium. De zaadcel wordt hier namelijk geïnjecteerd in het plasma van de eicel of als het meerdere zijn, worden er meerdere zaadcellen geïnjecteerd. Wel altijd één per eicel. Ook hier is er een streng protocol om verwisseling te voorkomen. De volgende dag wordt er gekeken of er een celdeling is.

Embryotransfer bij IVF én ICSI

Soms vindt er geen bevruchting of celdeling plaats. Of er is wel celdeling maar niet zoals ze hem graag zouden zien. Een embryoloog let vooral op een aantal uiterlijke kenmerken, hoewel dit nog niet echt veel zegt over de levensvatbaarheid. Toch is er altijd meer vertrouwen in bijvoorbeeld een mooi gevormde achtcellig embryo, dan wanneer na een bepaalde tijd er nog steeds maar een tweecellig embryo is. Als er een geschikt embryo is, wordt deze tussen de twee en vijf dagen na de dag van de punctie, na een check van je naam en je geboortedatum in de baarmoeder geplaatst. Zijn er meerdere embryo’s, dan kunnen die eventueel ingevroren worden voor een volgende poging. Meestal wordt er maar één teruggeplaatst, bij uitzondering twee. Dit terugplaatsen gebeurt met een kunststof slangetje en is meestal pijnloos. Over het algemeen krijg je na de embryotransfer het hCG hormoon om te zorgen dat het baarmoederslijmvlies en veilig en dik nestje wordt voor de innesteling van het embryo.

Positief of negatief?

Daarna is het een kwestie van wachten en wachten. Je hoopt dat de behandeling succesvol is geweest. Als je na twee weken nog niet ongesteld bent geworden, zou je een zwangerschapstest kunnen doen. Toch kleeft hier een risico aan, door het hormoongebruik zou ook je hormoonhuishouding een beetje in de war kunnen zijn waardoor je nog niet ongesteld bent geworden. Als er wel een positieve test is en je bent na een paar weken nog steeds niet ongesteld, dan kan een echoscopie nog meer duidelijkheid geven. Wordt je wel ongesteld dan is de poging niet gelukt. Je kunt dan de opties bespreken voor een nieuwe poging. Na twee mislukte IVF-behandelingen is een ICSI behandeling ook een optie.

Wanneer kun je voor IVF in aanmerking komen?

Er zijn een aantal redenen waarbij je eventueel voor een IVF-behandeling in aanmerking kunt komen. Dit kan bijvoorbeeld zijn bij: onverklaarbare onvruchtbaarheid, ernstige endometriose, eileiders die niet goed werken, een sterilisatie die niet te herstellen is of verminderde zaadkwaliteit. De kans op een IVF-behandeling met een doorgaande zwangerschap ligt ongeveer rond de 20 tot 25%

Wanneer kun je voor ICSI in aanmerking komen?

Je komt meestal voor ICSI in aanmerking als de man verminderd vruchtbaar is, zoals bij een slechte zaadkwaliteit of als het zaad niet beweeglijk genoeg is. De zaadcellen kunnen eventueel ook nog uit de teelbal (TESE) of bijbal (MESA en PESA) worden gehaald. Na twee IVF-pogingen kun je ook in aanmerking komen voor ICSI. De kans op een zwangerschap die voortzet bij ICSI ligt iets hoger dan bij IVF.