De functie van de fontanel van je baby

Bij een natuurlijke bevalling wordt tijdens de persweeën het hoofdje van de boreling als eerste door het bekken van de moeder gestuwd. Moeder natuur zorgt ervoor dat de functie van de fontanel van je baby de omvang van het hoofdje kan verkleinen.

Wat is een fontanel

Wanneer je het lichaampje van een baby bekijkt zie je dat het hoofdje de grootste diameter heeft. Daar het bolletje van het nieuwe mensje tijdens de persweeën door het geboortekanaal en het bekken van de moeder gestuwd wordt, is het belangrijk dat die doorsnede gereduceerd kan worden.

De schedelbeenderen, die dienst doen als bescherming van de hersenen, zijn samengesteld uit verschillende delen. Deze segmenten gaan tijdens de geboorte lichtjes over elkaar heen schuiven zodat de omvang van het hoofdje vermindert en vergemakkelijkt op die manier de uitweg naar buiten. In medische termen heet dit verschijnsel 'moulage'.

De ruimte tussen de schedeldelen heeft ook nog een andere functie, ze geeft namelijk de hersenen de mogelijkheid tot groeien. Indien de schedel niet zou kunnen uitzetten zou dit kunnen leiden tot misvormingen of afwijkingen en vooral ook tot beschadiging van de hersenen.

De ruimte tussen de verschillende schedeldelen vormen twee zachte plekjes op het hoofdje van het pasgeboren kindje en noemt men de fontanellen. De grote fontanel is ruitvormig en is de grootste van de twee. De kleine fontanel is zo klein dat je hem amper kunt voelen.

Op welke plaats zitten de fontanellen

De grote fontanel

Bij de meeste baby's is de grote fontanel makkelijk te vinden boven op het hoofdje. Het is een ruitvormige zachte plek die je ook kunt voelen als je er zachtjes met je vinger overheen wrijft. Wanneer je goed kijkt zie je vaak een pulserende beweging op het ritme van het hartje. Je kunt ook het verschil aanvoelen tussen de harde schedel en de weke veerkrachtige fontanel. Wanneer je zachtjes met je vinger op deze plaats drukt moet het weefsel meteen weer terugveren.

Wat de grootte betreft kan dit verschillen van kind tot kind. Indien de grote fontanel van jouw baby merkbaar breder is dan die bij anderen hoef je je echt geen zorgen te maken. Het is zelfs niet uitgesloten dat ze even breed is als vier vingers van een volwassene. Wees vooral niet bang om de fontanel aan te raken. De beangstigende verhalen uit grootmoeders tijd waarin gewaarschuwd werd voor de mogelijkheid op hersenbeschadiging bij het betasten van de fontanel zijn al lang achterhaald. Het onderhuidse bindweefsel en een sterk hersenvlies zorgen ervoor dat het hersenweefsel goed beschermd is.

Wanneer je de haartjes van je kindje wast kun je de zachte plaatsen net hetzelfde behandelen als de rest van het hoofdje. Doe je dat niet uit angst om de baby pijn te doen kan de hoofdhuid gaan schilferen en dat is net wat je niet wil.

De kleine fontanel

Deze zachte plek bevindt zich op het achterhoofdje van de baby en is helemaal niet zo belangrijk dan zijn grote broertje. Een dokter zou je in moeilijke termen vertellen dat je ze kunt vinden tussen de pijlnaad en de lambdanaad (Lambda werd genoemd naar de Griekse letter)

Op controle bij het consultatiebureau

Wanneer je met je baby op controle gaat bij het consultatiebureau wordt het hoofdje altijd grondig onderzocht. Door het meten van de schedelomtrek kan men nauwlettend in het oog houden of het normaal groeit en of de schedelnaden goed aan elkaar groeien en op het juiste tempo. Sluiten de fontanellen zich nog voor het kindje één jaar is of groeit de schedel te traag dan zal je doorverwezen worden naar een kinderarts. Of, indien de grote fontanel nog steeds niet gesloten is nadat je peutertje twee kaarsjes mocht uitblazen is dit ook een reden voor doorverwijzing. Het spreekt voor zich dat fontanellen die groter zijn meer tijd nodig hebben om zich te sluiten dan wanneer ze aan de kleine kant zijn maar dat is volstrekt normaal.

Wat als een fontanel te vroeg sluit

Craniosynostose of het te vroeg sluiten van de grote fontanel is een aangeboren afwijking van de schedel. Ook al is de oorzaak niet altijd te achterhalen weet men met zekerheid dat het gaat om gemuteerd erfelijk materiaal. Het hangt af van baby tot baby in welke mate deze afwijking zich manifesteert.

Wanneer één of meerdere schedelbeenderen te snel gesloten zijn krijgt de schedel op die plaats geen ruimte meer om te groeien. Dit resulteert in een aanwassen van de schedel op een andere plaats zodat de vorm verandert en de kans bestaat dat het kindje een misvormd gezichtje krijgt. Het is dus heel belangrijk en in het belang van de baby dat het vroegtijdig opgespoord kan worden.

Indien er meerdere klachten zijn zoals bijvoorbeeld een gehoorstoornis of klachten in de armpjes of beentjes, die kunnen lijden tot problemen bij het bewegen, spreken we over syndromale craniosynostose zoals bij het Apert syndroom of het syndroom van Crouzon. Hierbij zien we vaak uiterlijke afwijkingen zoals uitpuilende ogen, een afwijkende stand van de oortjes of de neus enz. Ook kan het gebeuren dat die kindjes last hebben van vergroeide mond- en keelholte waardoor ze moeilijk kunnen ademen en eten. Achterstand in de ontwikkeling van de hersenen komt bijna uitsluitend voor bij kindjes die syndromale craniosynostose hebben, bij craniosynostose alleen is komt dit raar of zelden voor.

Reeds bij het kleinste vermoeden dat een kindje lijdt aan de syndromale vorm gaat de kinderarts doorverwijzen naar het expertisecentrum voor craniofaciale stoornissen zodat de gevolgen tot het minimum gereduceerd kunnen worden.

Is craniosynostose te behandelen

De schedelnaden die te vroeg aan elkaar gegroeid zijn kunnen operatief behandeld worden. Dit gebeurt doorgaans tussen de leeftijd van vier tot twaalf maanden. De naden worden van elkaar losgemaakt en indien nodig worden stukjes van de schedel verschoven zodat ze weer rond zijn. De werkwijze hangt sterk af van welke chirurg de ingreep doet en het ziekenhuis waar de operatie gebeurt en meestal wordt de mond-, kaak- en gezichtschirurg nauw bij de chirurgische ingreep betrokken.

Afwijking in de vorm van de schedel

Het kan gebeuren dat wanneer je de baby altijd in dezelfde houding legt, de schedel vervormt omdat het bot nog niet stevig genoeg is. Dit heeft niets te maken met het sneller dan normaal dichtgroeien van de fontanellen en kan makkelijk verholpen worden door houdingstherapie, fysiotherapie of osteopathie. Soms gebeurt het ook dat men, naargelang de leeftijd van het kindje en de graad van misvorming, een corrigerend helmpje aanraadt zodat het hoofdje geremodelleerd wordt.