Van embryo tot baby: hoe ontwikkelt je zwangerschap zich?

Je zwangerschap bestaat uit verschillende fases: de embryonale en de foetale periode. Maar hoe vindt de ontwikkeling van je kindje nu eigenlijk plaats, en wat gebeurt en nu allemaal in je buik? In dit artikel alles over de ontwikkeling van het embryo en de foetus, en het verloop van je zwangerschap.

Het begin: de bevruchting

Je zwangerschap begint natuurlijk met de bevruchting. De zaadcel versmelt met de eicel en vormt zo een zygote: een bevruchtte eicel. Deze eicel wordt door de eileider richting de baarmoeder verplaatst. In de baarmoeder zal de bevruchtte eicel zich innestelen in je baarmoederslijmvlies. Hier krijgt de eicel alle voedingsstoffen die het nodig heeft om zich te ontwikkelen.

Zwangerschapshormonen in je lichaam zorgen ervoor dat dit een optimale plek voor je kindje is om te groeien. Ook kunnen deze hormonen de bekende zwangerschapskwaaltjes veroorzaken, zoals misselijkheid en pijnlijke borsten. Ook is er een ander soort cel dat nu flink gaat delen: deze cel wordt de trofoblast genoemd. De trofoblasten ontwikkelen zich tot placenta. Een week na de innesteling beginnen de organen zich langzaam te ontwikkelen: de cel wordt nu een embryo.

Het embryo

Een klein embryo ziet er anders uit dan een foetus of voldragen baby. Hij ziet er in deze periode namelijk nog uit als een klein kikkervisje, met zwemvliezen en een kleine staart. Hij bestaat uit drie lagen. Uit de buitenste laag wordt het haar, huid, ogen en de zenuwen gevormd. De middelste laag vormt de meeste organen: hart, botten, spieren, nieren en geslachtsorganen. De binnenste laag vormt de lever en nieren.

In de vijfde zwangerschapsweek wordt het ruggenmerg gevormd. Dit is ook de reden waarom het belangrijk is om foliumzuur te slikken voor en tijdens een prille zwangerschap. Foliumzuur verkleint namelijk de kans op het vormen van afwijkingen in het ruggenmerg. Een week later, in week zes, begint het hartje zich te vormen en te kloppen.

In de weken die daarna volgen, vormen zich onder andere kleine stompjes, waaruit de armen en benen van het embryo groeien. Ook vormen zich ogen, oren en de contouren van een klein gezichtje. Het embryo gaat steeds meer op een kleine baby lijken. Langzaam vormen zich zelfs kleine vingertjes en teentjes.

Tot de elfde zwangerschapsweek is je baby een embryo. Het hartje klopt flink, en dit is ook al te horen op de echo! Aan het einde van de embryonale fase zijn de organen en ledematen grotendeels af. De embryonale fase is een kwetsbare fase in de zwangerschap. De kans op een miskraam is tot de elfde zwangerschapsweek het grootst. Alle organen worden namelijk in de basis aangelegd. Als hier iets mis gaat, ontstaat er vaak een miskraam.

De foetus

Vanaf de achtste week na de bevruchting is je baby officieel een foetus. Dit is ongeveer in de elfde zwangerschapsweek. In week elf is de foetus ongeveer 2,5 centimeter groot. De foetus begint al echt op een mensje te lijken. In aanleg zijn alle lichaamsdelen al helemaal 'af'. De kans op een miskraam wordt steeds kleiner. Dit is ook de reden dat veel koppels het 'grote nieuws' pas naar buiten brengen na de twaalfde zwangerschapsweek, wanneer de echo achter de rug is.

De organen zijn in de basis al ontwikkeld tijdens de embryonale fase. Tijdens de foetale periode groeien de organen verder, en gaan ze hun functie vervullen. De hersenen worden groter en krijgen steeds meer verbindingen. De foetus gaat bloedcellen maken en krijgt een volgroeide bloedsomloop. Ook de darmen gaan op de goede plek zitten, en de nieren gaan vanaf week 13 urine produceren. De baby drinkt voortdurend vruchtwater, en plast dit ook weer uit. De geslachtsorganen ontwikkelen zich en vanaf de 20e week is het mogelijk om met een echo het geslacht van de baby te bepalen.

Ook de zintuigen van de baby ontwikkelen zich heel snel. Met 19 weken kan de baby horen en met 21 weken kan de baby zien: de oogjes gaan open! Ook begint de huid van de baby gevoelig te worden voor aanrakingen. Bij schopjes kun je de voetjes voelen en ze kriebelen. Je baby zal dit voelen!

De grootste ontwikkeling die een foetus doormaakt is de groei. Waar je baby in het begin van de foetale periode nog ongeveer vier centimeter lang was, groeit je baby tot gemiddeld 50 centimeter lengte. Dit vergt veel energie: daarom ben je ook zo vaak moe tijdes de zwangerschap. Ook vormen de kleine details zich op het lichaam van de foetus. Oogleden, lippen en haar groeit. Vingerafdrukken ontwikkelen zich en zelfs de melktandjes vormen zich onder het tandvlees. De baby krijgt een dunne laag donshaar over het hele lichaam. Dit houdt de baby warm: er is namelijk nog niet veel babyvet!

Vanaf de 24e zwangerschapsweek is de baby officieel levensvatbaar. Vanaf deze week kan de baby in leven gehouden worden bij een vroeggeboorte. Vanaf week 28 begint het derde trimester. Dit is de laatste fase van de zwangerschap. Tijdens deze fase groeit de baby enorm. Je buik zal ook snel veel groter worden. De baby krijgt babyvet en verliest de donshaartjes op het lichaam. Die zijn namelijk niet meer nodig: de baby heeft nu vet om zich warm te houden.

Aan het einde van het derde trimester is de baby volledig 'af', en klaar om geboren te worden. De baarmoeder wordt erg krap en de baby zal een ligging aannemen. Het derde trimester wordt door veel vrouwen als erg zwaar ervaren: je hebt bandenpijn en je buik wordt erg groot. Het is tijdens het derde trimester belangrijk om de bevalling voor te bereiden en enkele praktische zaken te regelen. De uitgerekende datum komt steeds dichterbij. De baby is helemaal af, maar moet enkel nog veel groeien en aankomen.

Tussen week 37 en week 42 wordt je baby geboren. Dit is officieel het einde van de foetale periode. Nu is de foetus officieel uitgegroeid tot baby en ter wereld gekomen!