Medicatie tijdens zwangerschap

Wanneer je zwanger bent is jouw lichaam met jouw baby verbonden. Dit is meteen ook de reden waarom je tijdens de zwangerschap maar beter niet rookt of geen alcohol consumeert. Maar ook de inname van medicijnen heeft invloed op de baby. Daarom moet je steeds voorzichtig zijn met medicatie tijdens de zwangerschap. De risico's zijn niet min. Idealiter lees je steeds goed de bijsluiter of informeer je bij jouw arts. Hieronder lees je wat je moet weten over de inname van medicatie.

Waarom medicatie schadelijk kan zijn voor jouw baby?

Alles wat je tijdens de zwangerschap inneemt, komt in jouw bloed terecht. Het gaat hierbij om wat je eet en drinkt, maar ook om pilletjes, oogdruppels, neusspray en crèmes. Ook inentingen zijn niet zomaar toegelaten. Inentingen tegen kinkhoest, hepatitis A, tetanus en hepatitis B mogen echter wel gewoon plaatsvinden.

Via jouw bloedvaten komen de werkzame bestanddelen overal in het lichaam terecht, ook in de placenta. Die placenta zorgt vervolgens voor de overdracht naar jouw baby. De potentiële gevolgen van de inname van schadelijke medicatie zijn niet min. Zo kan er sprake zijn van een laag geboortegewicht of van een vroeggeboorte. Hiernaast kan het ook resulteren in farmacologische effecten die zich op korte of lange termijn manifesteren, denk aan groeivertraging tijdens de verdere levensloop, de verkeerde aanleg van een orgaan, aangeboren afwijkingen en verstandelijke handicappen.

Stoffen die aanleiding kunnen geven tot aangeboren afwijkingen worden in de medische literatuur ook wel teratogene stoffen genoemd. Echter geeft dit begrip geen informatie over de manier waarop de beïnvloeding van de ontwikkeling van het ongeboren kind plaatsvindt. Zo verstoren sommige werkzame bestanddelen de fysiologische en biochemische processen die in het lichaam van de moeder plaatsvinden, om zo de ontwikkeling van de embryo te beïnvloeden. Andere stoffen tasten dan weer rechtstreeks de foetus aan.

Een reëel probleem, ook in Nederland

Onderzoek heeft aangetoond dat bijna 80% van de Nederlandse zwangere vrouwen tijdens hun zwangerschap al eens geneesmiddelen gebruikt. Hierbij is het toch belangrijk om de nodige terughoudendheid aan de dag te leggen. Van sommige geneesmiddelen is het inderdaad geweten dat zij teratogeen zijn. Toch is dit voor het overgroot deel niet het geval en baseert men zich op statistische onderzoeken. Hierbij is het echter niet altijd even eenvoudig om de exacte oorzaak aan te tonen: de ziekte van de moeder die men behandelde, of de ingenomen medicatie ter behandeling van die ziekte. Zelfs wanneer er (nog) geen bekende negatieve effecten bekend zijn, let je dus maar beter goed op. Anderzijds hoor je de eigen gezondheid niet onnodig in gevaar te brengen door broodnodige medicatie af te zweren. Jouw arts of gynaecoloog is de ideale persoon om de nodige afwegingen te maken.

Te vermijden medicatie tijdens het verloop van de zwangerschap

De exacte risico's zijn afhankelijk van het trimester van de zwangerschap. Vooral in het eerste trimester, waarbij de organen worden gevormd, is het risico op afwijkingen het grootst. Hormonen, anti-epileptica, antistollingsmiddelen en retinoïden vermijd je daarom maar beter. Toch kunnen ook onschuldige medicijnen een negatieve invloed hebben. Denk maar aan de inname van supplementen met vitamine A. Ook tijdens het tweede trimester vermijd je maar beter antistollingsmiddelen. Ook antibiotica, aspirine, bepaalde ontstekingsremmers en behandelingen tegen hartziekten kunnen problematische gevolgen hebben.

Tijdens het derde trimester wordt jouw baby vervolgens helemaal klaargestoomd voor de bevalling en de eerste levensadem. De risicovolle medicijnen van het tweede trimester vermijd je ook hier maar beter. Toch zal je er goed op moeten letten dat je geen geneesmiddelen neemt die weeën opwekken of bloedingen veroorzaken. Onder andere aspirine, β2-mimetica en ibuprofen zijn hier problematische medicijnen. Onder bepaalde voorwaarden kan je ibuprofen tijdens de eerste maanden van de zwangerschap wel gebruiken, maar doe het dus nooit op eigen houtje.

Let wel op: dit lijstje geeft slechts enkele voorbeelden en is helemaal niet limitatief. Op de bijsluiter kan je meer informatie terugvinden. Bij twijfel contacteer je steeds jouw arts voor meer informatie.

Beïnvloedende factoren voor de schadelijkheid van medicatie

De medische literatuur heeft al veelvuldig aangetoond welke factoren het risico op negatieve gevolgen voor de baby vergroten. Hieronder zijn een aantal van die factoren weergegeven.

De mate van placentapassage

Hoe eenvoudiger de geneesmiddelen de placenta passeren, hoe groter het risico op nadelige gevolgen. Bijna alle geneesmiddelen kennen een vlotte placentapassage. Sommige geneesmiddelen hebben daarentegen een hoger moleculair gewicht en kennen een moeilijkere placentapassage. Dit is onder andere het geval voor heparine en insuline.

In de praktijk zijn vier factoren bepalend voor de mate van placentapassage:

  • De lipofiliteit of de vetoplosbaarheid: hoe lipofieler, hoe eenvoudiger de placentapassage;
  • De ionisatiegraad: niet-geïoniseerde geneesmiddelen kennen een eenvoudigere placentapassage;
  • De molecuulmassa: hoe hoger de molecuulmassa, hoe moeilijker de placentapassage. Over het algemeen hanteert men een kritische grens van 1.000 dalton. Bij een hogere molecuulmassa zal er geen placentapassage plaatsvinden;
  • De plasma-eiwitbinding: enkel de niet aan het eiwit gebonden fractie van de medicatie kan de placenta passeren.

Weet wel dat bovenstaande risicofactoren enkel van toepassing zijn bij het klassieke diffusieproces, de belangrijkste manier voor uitwisseling van de bestanddelen van geneesmiddelen via de placenta. Ook via andere processen kunnen bestanddelen worden overgedragen.

Tijdstip van toediening van de medicatie tijdens zwangerschap

Hierboven gaven we reeds aan dat het risico op een aangeboren afwijking afhankelijk is van het trimester van de zwangerschap. Tot ongeveer 28 dagen na de eerste menstruatie is er vooral het risico op een miskraam, terwijl het risico op afwijkingen na een niet-miskraam niet groter wordt.

Tijdens de eerder aangehaalde periode van de aanleg van de organen, zal een blootstelling voornamelijk het risico op structurele beschadigingen vergroten. Vanaf de tiende week van de zwangerschap gaat het eerder om structurele afwijkingen. Denk hierbij onder andere aan afwijkingen van het centrale zenuwstelsel.

Sommige geneesmiddelen mag men hierdoor enkel tijdens een bepaalde periode van de zwangerschap niet innemen, maar zijn verder wel gewoon toegestaan.

De eliminatiehalfwaardetijd van het geneesmiddel

De eliminatiehalfwaardetijd is de tijd waarbij de concentratie van het werkzaam bestanddeel tot de helft van de oorspronkelijke concentratie is gedaald. Bij een lange eliminatiehalfwaardetijd kan een in een vroeger stadium van de zwangerschap ingenomen medicijn, toch in een later trimester nog steeds een negatieve invloed uitoefenen. Bij sommige geneesmiddelen is het zelfs bekend dat ze, omwille van de lange eliminatiehalfwaardetijd, bij inname voor de conceptie later nog steeds negatieve effecten kunnen uitoefenen.

De ingenomen dosis en de duur van inname

Uiteraard zal een hogere dosering en/of een langdurigere inname van het medicijn het risico op aangeboren afwijkingen en stoornissen gevoelig doen toenemen.

Het genotype van de foetus of de embryo

Tot slot speelt ook de individuele gevoeligheid ten opzichte van bepaalde geneesmiddelen een rol. Genetische factoren kunnen er bijvoorbeeld voor zorgen dat sommige embryo's veel gevoeliger zijn voor bepaalde geneesmiddelen dan anderen.

Let ook op met de inname van vitaminen

Eerder haalden we al aan dat de inname van vitamine A een negatieve invloed kan hebben op de ontwikkeling van jouw baby. Neem, net zoals wat de inname van medicatie betreft, dus niet zomaar vitaminen in maar raadpleeg vooraf even jouw arts. Voldoende rust blijkt in de praktijk overigens veel beter te werken dan het innemen van vitamines.

Weet dat men enkel voor de inname van foliumzuur een uitzondering maakt. Foliumzuur helpt immers de ontwikkeling van het ruggenmerg en de hersenen van de baby te stimuleren. Jouw arts zal jou hierover informeren.

Geneesmiddelen tijdens de borstvoeding: verdere aandacht noodzakelijk

Geef je na de zwangerschap borstvoeding? Dan kunnen de werkzame bestanddelen alsnog via de moedermelk worden overgedragen. Ook hier mag je dus niet zomaar alle geneesmiddelen innemen.