Zwangerschapsincontinentie: is dat taboe echt wel nodig?

Incontinentie is eigenlijk een van de normaalste kwaaltjes tijdens de zwangerschap. Toch rust er nog al te vaak een waar taboe op. Dit neemt niet weg dat het toch ongemakkelijk is, zeker als je niet meer hard aan het lachen mag. Maar hoe ontstaat het eigenlijk en kan je er iets aan doen? Dat lees je in dit artikel. Laat het alvast duidelijk zijn: je hoeft je er zeker niet voor te schamen, integendeel.

Wat is zwangerschapsincontinentie?

Voor zij die het niet kennen: zwangerschapsincontinentie is eigenlijk niks meer of minder dan ongewild urineverlies tijdens (of na) de zwangerschap. Het kan in verschillende fasen van de zwangerschap optreden en kent dan ook uiteenlopende oorzaken. Ook na de bevalling treedt het urineverlies overigens nog op. Hoewel het eigenlijk heel normaal is, spreken vrouwen er niet graag over. Ook met de eigen partner of met de huisarts spreken ze er soms niet over. Hierdoor gaan ze seksuele en sociale contacten uit de weg, waardoor het ook psychologisch invloed kan uitoefenen op het persoonlijk welzijn.

Hoe ontstaat zwangerschapsincontinentie?

Om het ontstaan van incontinentie te begrijpen, moeten we eerst een aantal zaken toelichten. De urine vinden we uiteraard terug in de blaas. De blaas slaat de urine op, tot de blaas uiteindelijk helemaal vol zit. Tijd om te plassen!

Om te voorkomen dat je urine zou verliezen, wordt de blaas door een kringspier afgesloten. Hoe voller die blaas zit, hoe meer dat je het gevoel krijgt dat je moet plassen. Wanneer je eenmaal plast, zal de kringspier zich ontspannen en urine doorlaten. Hiernaast helpen de bekkenbodemspieren de blaas met samentrekken om zo de urine naar buiten te laten lopen. Klaar? Dan is de blaas leeg. Tot daar dus het normale verloop.

Tijdens de zwangerschap zal het bekkenbodem vaak verzwakt zijn. Het bekkenbodem moet ervoor zorgen dat je jouw baas kunt afsluiten of op commando kunt plassen. Op het einde van de zwangerschap is de bekkenbodem verzwakt, waardoor het moeilijker is om controle uit te oefenen op de blaas. Ook na de bevalling is dit het geval. Dit komt uiteraard door het gewicht van de baby dat langdurig druk uitoefent op de bekkenbodem. Tijdens de bevalling moet de baby bovendien ook door datzelfde bekkenbodem heen, waardoor het al helemaal verzwakt uit de strijd komt. Het bekkenbodem heeft vervolgens tijd nodig om zich te herstellen, wat ook logisch is.

Risicofactoren die de kans op zwangerschapsincontinentie na de zwangerschap vergroten, zijn een hoog gewicht van het kind, het optreden van complicaties tijdens de zwangerschap, een kunstmatige bevalling, een bevalling met een vacuümcup of een zogenoemde tangverlossing.

Toch kan zwangerschapsincontinentie ook al in een vroegere fase van de zwangerschap optreden. Dit heeft vooral te maken met jouw veranderende hormonensituatie. Vooral het hormoon hCG (Humaan Choriongonadotrofine) is de boosdoener. Dit hormoon, op basis waarvan ook de zwangerschapstest werkt, zorgt voor een goed zwangerschapsverloop. Echter resulteert het aanmaken van dit hormoon ook in een aantal bijwerkingen. De misselijkheid in de eerste weken van de zwangerschap herinner je je vast nog wel. Een minder zichtbare bijwerking is de versnelde toevoer naar de nieren, waardoor de blaas veel sneller volloopt dan je gewoon bent en waardoor ongelukjes niet helemaal uit te sluiten zijn…

Tijdens de zwangerschap zijn er eveneens een aantal risicofactoren die de kans op urineverlies vergroten. Roken en alcoholgebruik, een gebrek aan beweging of het gebruik van bepaalde medicijnen wordt door de medische literatuur veelvuldig genoemd.

Geen zorgen: ongewoon is het niet. Onderzoekers hebben aangetoond dat 50-70% van de vrouwen er tijdens of na hun zwangerschap mee te maken krijgen. Het is dus eerder regel dan uitzondering.

Fecale incontinentie tijdens of na de zwangerschap

Hierboven hadden we het vooral over urinaire incontinentie. Toch kan er tijdens de zwangerschap ook sprake zijn van fecale incontinentie of het ongewild verlies van stoelgang. In zijn meest onschuldige vorm gaat het bijvoorbeeld om het ongewild laten van windjes, bijvoorbeeld door de verhoogde druk.

Fecale incontinentie komt echter voornamelijk voor na de zwangerschap. Meestal is het het gevolg van een totaalruptuur of het volledig uitscheuren tussen anus en vagina. Ook hier krijgt het merendeel van de vrouwen die zo'n totaalruptuur meemaakten, te maken met ontlastingsincontinentie. Volgens sommigen zouden bekkenbodemoefeningen helpen om het te voorkomen, maar volg toch maar vooral de instructies van de behandelende arts goed op.

Symptomen van zwangerschapsincontinentie

Het voornaamste symptoom van incontinentie spreekt uiteraard voor zich: urineverlies. Hiernaast zijn er ook een aantal andere symptomen die kunnen optreden zoals vermoeidheid of neerslachtigheid. Vaak gaat het om indirecte gevolgen van de incontinentie.

Sommige andere gevolgen wekt men overigens zelf op. Zo hebben vrouwen met incontinentie een grotere kans op een blaasontsteking. Zij gaan door de incontinentie immers bewust of onbewust minder drinken, met alle gevolgen van dien. Alleen al daarom is het belangrijk om erover te spreken en jouw eet- en drinkgewoonten goed vast te leggen.

Behandeling van zwangerschapsincontinentie

Er bestaat geen wonderpilletje om incontinentie tijdens of na de zwangerschap te voorkomen of op te verhelpen. Uiteindelijk zullen de bekkenbodemspieren zichzelf herstellen. Tijd heelt alle wonden, om het met gevleugelde woorden te zeggen. Wel kan je het herstelproces bevorderen door de bekkenbodemspieren te trainen. Laat je dan steeds bijstaan door een bekkenbodemfysiotherapeut. In principe hoef je enkel naar de huisarts te gaan indien je zes weken na de bevalling nog steeds last hebt van urineverlies. Slechts uitzonderlijk is er een operatie noodzakelijk.

Opgelet: gaat het urineverlies gepaard met bloedverlies of hevige pijn? Ga dan wel steeds meteen naar een huisarts of een specialist.

Overigens kan de bekkenbodemfysiotherapeut jou ook tips geven met betrekking tot eetgewoontes, drinkgewoontes en het aannemen van de correcte toilethouding.

In de tussentijd is het wel belangrijk om erover te spreken. Jezelf schamen of alles in het werk stellen om de incontinentie voor de partner te verzwijgen, tast immers het psychisch welzijn aan. Spreek erover en ga samen na in welke mate dit al dan niet invloed moet hebben op pakweg jullie seksuele gemeenschap. Praten helpt, wees daar maar zeker van.

Het gebruik van incontinentiemateriaal

Afwachten blijkt de beste remedie tegen deze vorm van incontinentie te zijn. Natuurlijk hoeft dat niet te betekenen dat je er zomaar vrede mee hoeft te sluiten. Hier is het belangrijk om geschikt incontinentiemateriaal te gebruiken en geen maandverbanden of inlegkruisjes.

Incontinentiemateriaal vangt immers niet alleen bloed, vrouwelijke afscheiding en urine op, maar voorkomt ook allerlei huidproblemen die aan incontinentie zijn gerelateerd. Klassiek maandverband kent deze kenmerken niet. Uiteraard blijft een goede vaginahygiëne ook bij gebruik van geschikt incontinentiemateriaal nog steeds heel belangrijk.